Interview Jan van Schendel

 

 Jan van Schendel

Ik ben 56 jaar. Ik ben getrouwd met Rossitza en heb twee kinderen. Een dochter, Milena en een zoon, Robin.

Al mijn hele leven ben ik (bijzonder fanatiek met vaak wel 100+ wedstrijddagen per jaar) wedstrijdvisser geweest. Sinds een jaar of 8 is de vistijd voor mezelf vervangen door tijd die ik steek in mijn werk als bondscoach. Een heel intensief visleven dus waarnaast geen tijd en plaats is voor andere hobbies.

Als ik een hobby zou kunnen noemen dan is dat het volgen van werkelijk alles op sportgebied. Ik ben een echte sportfreak.

Al heel wat jaren verdien ik de kost in de hengelsportwereld. Vroeger had ik mijn eigen groothandel, tegenwoordig zijn er JVS, Beet Sportvissersmagazine en Van den Eynde.

 

Wanneer ben je begonnen met (wedstrijd)vissen?

 Ik vis al zolang ik weet dat ik besta. Als vissen bij iemand in het bloed zit dan moet dat wel bij mij zijn. Toen ik 4 jaar oud was viste ik al regelmatig. Vanaf mijn 14e vis ik (club)wedstrijden en vanaf enkele jaren later alles wat er maar te vissen valt. Dat alles is nooit veranderd totdat ik het bondscoach-werk ben gaan doen. Nu vis ik tijdens het echte visseizoen bijna nooit.

In de winter vis ik waarschijnlijk meer wedstrijden dan de meeste vissers, afgelopen winter precies 55 wedstrijden. Zoveel stelt dat allemaal echter niet meer voor. Ik ben nu in de eerste plaats coach.

 

Wat zou er volgens jou verbeterd kunnen worden op het gebied van Wedstrijdvissen in Nederland?

De wedstrijdvisserij ligt behoorlijk onder druk de laatste jaren. Ik zie 1001 dingen die veranderd en verbeterd zouden kunnen worden.

We zijn in ieder geval nu niet goed bezig als ik naar de getallen kijk. Het valt tegenwoordig niet mee om nog een wedstrijd te vinden waar laten we zeggen meer dan 75 vissers aan meedoen. Nog niet zo lang geleden was iedere wedstrijd bijna wel zo groot. De deelnames lopen dus giga terug.

 

Hetzelfde geldt voor de Nationale kampioenschappen. In 1978 werd ik Kampioen van Nederland bij de categorie Maatse vis (je had toen twee categorien met ook Alle Maten wat op dezelfde dag werd vervist) met 380 finalisten in Yde de Punt. Op dezelfde dag werd Rob Heens kampioen bij de Alle Maten in Cuyck met 290 finalisten. Maakt in totaal 670 finalisten en dat was in die tijd 10% van de mensen die aan selectiewedstrijden daarvoor hadden meegedaan. Als je dan kijkt naar de aantallen van nu en hoe die tot stand gekomen zijn dan weet je dat de terugloop dramatisch is.

Wat nog het ergste is, alles wordt nog precies op dezelfde manier georganiseerd als toen (behalve dan dat de twee categorien van toen zijn samengevoegd). Tsja.

 

Wat motiveert je om elke keer opnieuw wedstrijden te vissen?

Kijk, veel vis vangen is veel gemakkelijker wanneer je ergens alleen vist dan tijdens een wedstrijd. Dat veel vis vangen is dan ook nooit voor mij een grote drijfveer geweest.

Je hoort veel wedstrijdvissers vaak zeggen dat ze geen prijs hoeven te winnen als ze maar wat vis vangen. Ik snap zulke uitspraken niet. Ga dan lekker vrij vissen.

Natuurlijk vang ook ik graag veel vis maar het was nooit het belangrijkste doel. Een wedstrijdvisser kan eigenlijk toch maar een doel hebben? Het zich willen meten met collega-wedstrijdvissers en dan proberen als beste uit die strijd te komen (of in ieder geval als degene die het meest heeft gevangen).

Ik heb daarbij al van jongs af altijd een doel gehad. Ik heb altijd met veel plezier wedstrijden gevist maar het uiteindelijke doel was om Internationaal te vissen in Nationale teams en daarbij ook te winnen.

 

Welke wedstrijd van het afgelopen seizoen is je Bijgebleven?

 Ik schreef al dat ik afgelopen winter 55 wedstrijden (of beter wedstrijdjes) viste. Dat zijn vaak heerlijke visdagen met veel vis. In vergelijking met hoe ik vroeger mijn wedstrijden beoefende en beleefde stelt dat allemaal lang niet zoveel meer voor.

Je beleeft natuurlijk altijd het meeste plezier wanneer het allemaal goed gaat. Wat me dan ook het meest bij is gebleven van 2012 was de winst in de 3-daagse in Werkendam die Dirk Arendse jaarlijks organiseert. Ik won uiteindelijk na twee hele goede dagen en op de laatste dag een bizarre samenloop van omstandigheden. Ik had eerder in de winter al wel een stuk of 8 x ergens tweede gevist waarbij iedere keer weer de winst net niet lukte en het niet meezat. Op die 3e dag van de 3-daagse lukte het vissen totaal niet eigenlijk maar door ook enkele “missers” bij concurrenten viel alles juist precies goed uit en won ik alsnog. Het is soms een vreemde sport die wij beoefenen.

 

Wat is het hoogtepunt uit je wedstrijdcarriere?

Ik heb ruim boven de 3000 wedstrijden gevist in mijn “visleven”. Behalve alle slechte resultaten heb ik ook echt unieke dingen mogen beleven.

Ik heb jarenlang heel veel in het buitenland wedstrijden gevist, vooral in Engeland en zeker ook Ierland en Noord-Ierland.

In Noord-Ierland heb ik de beste visweek beleefd van mijn leven. Ik won toen alle drie de wedstrijddagen van een visfestival, dat was op maandag, woensdag en vrijdag, waarna ik op zondag ook nog het Noord-Ierse vaste stokkampioenschap won. Vier overwinningen achter elkaar in een week en stuk voor stuk wedstrijden van bijna 150 deelnemers en bij elkaar ruim 202 kilo vis gevangen. Ongelooflijk en volgens mij heeft niemand me dat ooit nog nagedaan daar. Wel leuk.

In het Internationale vissen heb ik vrijwel uitsluitend frustraties gehad en heb ik nooit mijn echte doel kunnen bereiken. Mijn derde plaats Individueel in Szeged in 1991 moet dus maar het mooiste zijn op dat gebied.

 

Welke wedstrijd zou je nog graag een keer willen winnen? 

De wedstrijd die ik ooit had willen winnen was het Wereldkampioenschap. Ik heb daarvoor heel lang alles opzij gezet. Het heeft me nooit mogen lukken.

Om daarop een goede kans te hebben heb ik ook veel te weinig WK’s gevist. Frustrerend maar het is nu eenmaal zo. Er was ook altijd zoveel mis in die tijd. Altijd gezeik, altijd problemen. Ik kan met recht zeggen dat ik zelf nooit 1 x een WK heb gevist zonder problemen. Niet echt de beste omstandigheden om te presteren als team. Het heeft allemaal geresulteerd in een hoop 4e plaatsen en nooit, als visser, een teammedaille. Waardeloos en amper te accepteren eigenlijk.

Juist daarom ben ik begonnen als bondscoach.

 

Wat is je dieptepunt van je wedstrijdcarriere?

Het dieptepunt kan ik er heel gemakkelijk uit lichten. Dat was het WK in 2003 in Madunice in Slowakije. Ik had er 12 jaar over gedaan om terug te keren in de WK Selectie. Bij die selectie zaten toen ook onder meer Bert Aufderhaar, Leo Koot en Martin te Pest. Ik zag het vooraf helemaal zitten richting de komende jaren. Die week werd de slechtste visweek van mijn leven met ook nu weer gezeik en problemen. Enkele maanden later was de helft van het team internationaal gestopt.

Alles maar werkelijk alles liep fout, de wet van Murphy. Ik vergeet die week echt nooit meer! Ik ben soms jaloers op onze huidige Internationals. Ze hebben er niet eens besef van (en dat moet ook vooral zo blijven trouwens) wat wij vroeger allemaal meemaakten. Tegenwoordig ontbreekt het aan niks en kan iedereen zich concentreren op hetgene waar het om gaat, het vissen.

 

Iedereen heeft zijn eigen mannier van vissen.  Heb  je nog een paar tips voor de vissers.

In de Internationale visserij is het juist niet iedereen zijn eigen vismanier. Je werkt als team naar een bepaalde vismanier toe en iedereen probeert die zo goed mogelijk uit te voeren. Internationaal vissen betekent team-vissen waarin geen plaats is voor “egotrippers”.

Als ik een tip zou moeten geven aan vissers die ook Internationaal willen gaan vissen dan zou ik hen adviseren om zelf eens ergens in het buitenland te gaan meedoen aan wedstrijden. Je leert daarvan zoveel meer.

Nederland heeft een bijzonder eenzijdige visserij en een die je Internationaal niet zo vaak tegen komt. Als je dus echt wat wilt zul je jezelf andere vismanieren moeten aanleren en vooral het vissen op andere vissoorten.

Dat kan ook allemaal best wanneer je zoiets wilt. Iedereen weet terecht te komen langs de “mediterrane costa’s”, nou dan kun je daar ook terecht komen om wedstrijden te vissen. Wanneer iemand iets echt wil dan kan hij/zij dat ook, zo is mijn overtuiging. Wel moet je er waarschijnlijk veel andere dingen voor opzij zetten maar zo is nu eenmaal het leven van een topsporter.

Hoe bereid je je voor op de volgende wedstrijd?

 Ik ben eigenlijk niet de juiste persoon om een ideale voorbereiding op een viswedstrijd uit te leggen. Ik had mijn eigen manier, simpelweg het zoveel mogelijk vissen van allerlei wedstrijden. Feeder, vaste stok, matchen, het maakte me nooit uit. Sterker, hoe meer afwisseling hoe beter.

Ik vond het altijd prachtig wanneer ik in 1 week-end twee totaal verschillende soorten wedstrijden kon vissen met een totaal verschillend deelnemersveld met zoveel mogelijk specialisten van die tak van vissen (bijv. feeder of vaste stok). Als het me dan lukte om op beide dagen goed “mn mannetje te staan” dan vond ik dat prachtig.

Zoveel wedstrijden vissen geeft uiteindelijk een brok ervaring en juist die is in onze sport onmisbaar.

Materiaal en al het andere maakte ik klaar in de week voorafgaand aan een wedstrijd. Voor echt belangrijke dingen was het natuurlijk goed om vooraf het water goed te verkennen.

 

Welke wedstrijden vis je het liefst?

De Tweedaagse van de Vlaardingse Vaart die al heel wat jaren wordt georganiseerd door Henk Roskam en Marcel Burgmans was en is mijn favoriete wedstrijd. Ik heb er alleen al enkele jaren niet meer aan meegedaan omdat het altijd “clasht” met een of ander Internationaal kampioenschap.

Een prachtig opgezette wedstrijd met het best mogelijke deelnemersveld dat maar is te bedenken in Nederland.

Ieder jaar was er altijd een wachtlijst voor die wedstrijd waarbij het gaat om vaste stokvissen  met casters en waar altijd heel veel vis wordt gevangen.

Echt onbegrijpelijk dat ik toevallig vorige week zag dat er dit jaar nog geen vijftig deelnemers waren. En ook dat er amper Internationals tot het deelnemersveld behoorden is niet te geloven. Iedereen was te druk zeker?

 

Wat is je favoriete discipline en waarom?

 Ik heb absoluut geen favoriete discipline. Als wedstrijdvisser was me het feedervissen net zo lief als wat dan ook in de dobbervisserij.

Nu het allemaal minder uitmaakt kies ik in de winter wel voor de dobbervisserij in de jachthavens. Lekker actief vissen en veel vis vangen is toch leuker dan zitten te wachten in de kou op een of enkele aanbeten bij het feedervissen?

 

Met welke hengel vis je graag?

 Wat ook wel leuk is om te doen af en toe is de Method-feedervisserij. In het JVS gamma hebben we een 11 voets feederhengel die wordt geleverd met 3 complete topdelen. Dat is een hengeltje met een superzachte actie en het is een genot om daarmee te method-feederen.

 Welk viswater heeft bij jou de voorkeur?

 Ik schreef er net al over. De Vlaardingse Vaart is mijn favoriete water “of all times”. Castervissen op voorns, kolblei en soms ook brasem en met altijd de mogelijkheid op een kroeskarper of een giebel.

De Vaart is erg ondiep, ik geloof niet dat er ergens meer dan 2 meter water staat,m en toch vang je vaak de meeste vissen (en zeker de grootste) pal onder de oever. Een hele speciale visserij waarmee ik bijzonder veel succes heb gehad daar dus ook dat zal wel meespelen.

 

Welk aas gebruik je het meest?

 Ik heb geen bepaalde aasvoorkeur. Als wedstrijdvisser moet je zo effectief mogelijk vissen en als je dan op veel verschillende wateren vist komen vanzelf allerlei aassoorten aan bod. Het aas waarmee mijn dobber het vaakst onder gaat of de hengeltop het vaakst krom wordt getrokken is mijn favoriete aas.

Met wie zou je wel eens een hengeltje willen uitgooien?

 Mijn helden in de hengelsport zijn altijd mensen geweest die niet alleen “genomen” hebben maar die ook veel hebben proberen te “geven” eraan. Let wel de wedstrijdwereld is een egoistisch wereldje waarbij het woord ”ik” bij verreweg de grootste groep vissers het hoogst in het vaandel staat.

Mijn helden waren met name Ivan Marks en Marcel van den Eynde. Ik kan met hen echter nu geen hengeltje meer uitgooien want beiden zijn inmiddels overleden.

Phil Taylor, de dartskampioen, daar zou ik nu weleens een hengeltje mee willen uitgooien. Ik weet dat hij vist en ik bewonder hem enorm. Om vijftien jaar lang de dartssport zou te regeren zoals hij heeft gedaan is uniek en al die tijd heeft niemand er zo hard voor gewerkt als hij deed. Nu is er zware concurrentie inmiddels en nog steeds blijft hij die drive houden, ook nu hij weleens wordt verslagen. Die man moet wel een bijzonder sterke persoonlijkheid hebben. Als je nu over echte kampioenen praat dan komt hij voor mij op de eerste plaats.

Wie is je grootste concurrent. (Wie heb je liever niet naast je zitten tijdens een wedstrijd)

Concurrent is zo’n beladen woord. Je kunt toch niet bang zijn voor wie dan ook in onze sport?. Je kan alleen maar zelf je vissen vangen.

Ik snap echter wel de vraag. Iedereen heeft wel iemand met wie hij “mindere ervaringen” heeft in de onderlinge strijd tijdens wedstrijden.

Laten we het zo zeggen, ik denk dat Willem Pantzier een grote glimlach om zijn mond krijgt wanneer hij me naast hem ziet uitpakken. Wanneer hij hetzelfde gemiddelde aanhoudt met alle vissers als met onze onderlinge resultaten naast elkaar dan is hij waarschijnlijk inmiddels een vermogend persoon.

Als je een WK team mocht samenstellen welke vissers zou jij selecteren?

 

Tja wanneer je zelf betrokken bent geweest bij alle teamkeuzes dan is hier natuurlijk maar een antwoord mogelijk. Ik ben blij met alle gemaakte keuzes die er nu liggen.

Bij het feedervissen was het mooi geweest wanneer ook Peter vd Willik dit jaar had kunnen meewerken aan het verdedigen van de ook door zijn inzet behaalde team-wereldtitel van afgelopen jaar. In het huidige systeem was hij echter niet te kiezen. Dan houdt het op.

Bondscoach zijn in het zoetwatervissen is eigenlijk een vrij eenzaam bestaan. Wat je ook doet, de hele viswereld vindt er iets van.

Je kunt als bondscoach eigenlijk nooit winnen in een land als Nederland. Wanneer je teams falen dan is er gezever en wanneer ze winnen is het allemaal normaal.

Bij de teamkeuzes heb je altijd te maken met meer goede vissers dan dat er plekken zijn te vergeven dus er zullen altijd teleurgestelde mensen zijn.

Geen probleem allemaal, ik ben zelf ook visser, heb begrip voor die mensen en kan daarmee leven. Stap op de kist en laat ons even ons ongelijk zien. Als iemand goed genoeg is komt die altijd “boven drijven” uiteindelijk.

Je geeft je eigen vistijd op voor die van anderen als bondscoach en om eerlijk te zijn krijg je daar van die anderen meestal verrekt weinig voor terug. Natuurlijk vist iedereen zo goed mogelijk tijdens de wedstrijden maar dat bedoel ik niet. Er zijn ook weleens momenten dat wij bondcoaches steun nodig hebben en op die momenten kan ik niet zeggen dat ik die echt voel.

Ik schreef het al eerder, het woordje “ik”.

(fotos Spn , Viswa.nl en Beet.nl)